‘Hersens in een potje’, zei de therapeut. ‘Je lijkt echt wel hersens in een potje.’
Hij legde uit dat hij het gevoel had dat ik geen werkelijke verbinding met mijn lichaam had. Ik vond dat niet erg, ik wilde heel graag hersens in een potje zijn. Dan zou ik niet meer op mijn lijf moeten letten, niet meer moeten zorgen dat het veilig is en niet meer bang zijn dat het stuk gaat. Als je alleen maar hersens bent is er ook geen paniek, geen doodsangst. Dat is handig. Dan hoefde ik niet meer die gevoelens te onderdrukken, het leek me heerlijk. Mijn lijf voelde ik wel, op een vreemde manier. Het leek wel of de signalen niet echt doorkwamen. Ik kon toekijken hoe ik aangeraakt werd, en ergens had ik het gevoel dat ik het wel voelde, maar dat als ik mijn ogen dicht zou doen, ik echt niet zou weten of het echt was of niet. Ik had sinds het ongeluk altijd pijn. Dat voelde ik best en het deed ook echt zeer. Maar mijn benen en heupen voelde ik niet, niet echt. Vaak had ik het idee dat mijn bovenlichaam zweefde en mijn benen er gewoon onderaan bungelden. Geen gevoel en geen functie. Op een dag vroeg de therapeut hoe het zou zijn als ik geen benen zou hebben, hoe het voor me zou zijn als hij me vertelde dat ik in werkelijkheid geen benen hád. ‘Pffff’ zei ik. Dat zou een grote opluchting voor me zijn. Hoef ik er geen rekening meer mee te houden, niet meer te zorgen dat mijn voeten niet achter drempels blijven haken. Emoties voelen was ook zo iets raars. Natuurlijk had ik emoties, als één van de poezen wat mankeerde was ik heel verdrietig. Om de dood van mijn vriendin heb ik mateloos gehuild. Ik kon ook echt blij zijn, of meeleven met mensen. Maar ik kon zonder een traan vertellen over het misbruik, de angst en de pijn. Voelen als het over mezelf ging kon ik niet. Voelen is heel moeilijk als je heel vroeg in je leven geleerd hebt, dat voelen pijn doet. Als je misbruikt wordt, of mishandeld, wil je niet voelen dat je pijn hebt. Je wilt ook niet voelen of je geniet van een aanraking. Je wilt het beschadigde vertrouwen niet voelen. Je wilt je doodsangst niet voelen en de paniek schuif je weg. Vaak blokkeer je een deel van, of zelfs alle, waarnemingen (en de herinneringen).Tijdens mijn opleidingen heb ik daarover geleerd. Het heet dissociëren.   Ik wist nooit dat ik dat ook deed, tot ik me er dus tijdens die therapiesessie van bewust werd dat ik mijn benen niet voelde. Dat was best heftig. Dissociëren was iets voor mijn patiënten, niet voor mij. Ik kon best misbruikt zijn, maar dat betekende niet dat ik ook dissocieërde. Tja, wel dus. De tijd na die ontdekking was heel moeilijk voor me. Ik wilde namelijk niet dissociëren, ik wilde voelen, ik wilde leren hoe ik kon genieten, en zelfs hoe ik pijn kon toelaten. Het leek me een voorwaarde voor als ik wilde LEVEN. Het was lastig om te gaan voelen. Ik was namelijk vreselijk bang ervoor. Het leek me verschrikkelijk als ik me alle dingen zou herinneren, als ik zou gaan voelen hoeveel pijn en verdriet ik heb gehad. Maar gelukkig hebben mensen allerlei beschermingsmechanismes. Zoals dissociëren ons vroeger beschermde tegen teveel pijn en teveel emoties, beschermen andere mechanismes ons tegen te snel leren voelen. Bij mij had dat mechanisme de vorm van een draak. Een grote, groene, immens sterke en gevaarlijke draak. Hij stond, ergens onderin mijn buik, op wacht voor een grot. Ik wilde die grot wel in, nieuwsgierig als ik ben, maar de draak liet me alleen maar eventjes om het hoekje kijken, toen joeg hij me weer weg. Ik had maar net de tijd om een stukje herinnering te pakken. Ik dacht dat de draak gevaarlijk was, hij spuwde vuur. Pas later begreep ik dat de draak mijn herinneringen en gevoel bewaarde, veilig bewaarde. Hij beschermde me tegen te veel herinneringen en emoties. Hoe beter ik leerde omgaan met herinneringen en gevoelens, hoe kleiner en aardiger de draak werd. Op het laatst mocht ik zelf bepalen hoe ver ik de grot inging. Die draak heeft er dus voor gezorgd dat de herinneringen en het voelen heel langzaam terug kwamen. En me niet overrompelden. Want dat leek me erg. Ik dacht echt dat ik zou imploderen van alle gevoelens en emoties.

Vorig stukje
Volgend stukje