Mijn leven stond op de kop, er veranderde heel veel. Ik was ook al bezig te scheiden. Op mijn werk kreeg ik beperkingen opgelegd omdat ik tegen mijn collega’s open was over wat er met me aan de hand was. Ik was niet meer de vrouw die goed haar eigen zaken kon behartigen, die zelfstandig in het leven stond, haar werk meer dan leuk vond en daar goed mee verdiende. Intussen lag mijn vriendin op sterven, ze had kanker.  Een poosje hebben we haar met familie en vrienden thuis verzorgd, dat wilde zij graag en wij ook. Naast alle andere emoties heb ik daar vooral geleerd dat ik niet zó dood wilde. Ze was vol verbittering en wrok en pijn om alle dingen die haar aangedaan waren (dat was ook erg) en vol wanhoop omdat ze nooit de dingen kon gaan doen die ze zo graag had willen doen. Ik wilde dat niet, ik nam echt het besluit om ervoor te zorgen dat ik niet dood zou gaan voor ik gelukkig zou zijn. En ik wist dat ik daarvoor grote schoonmaak moest houden. Ik kreeg een burnout en kwam thuis te zitten. 
Toen had ik natuurlijk wel alle tijd om bezig te zijn met verwerken.

 

 

 

Ik werd lid van een forum, speciaal voor mensen die slachtoffer waren van seksueel geweld.
Daar vond ik een klankbord voor tussen de therapie-uren door. Ik kon er lezen wat anderen meegemaakt hadden, hoe zij omgingen met al die verwarrende gevoelens, welke therapie ze deden of al hadden gedaan en allerlei tips lezen om mezelf overeind te houden. Er was de slowchat, waarin we elkaar steunden als het even helemaal niet wilde, maar we ook konden lachen, gekheid maken en de dagelijkse dingen bespreken.
Ik leerde er heel veel mensen kennen en zag heel veel manieren van omgaan met ons verleden. Ik vond een boek terug wat ik jaren ervoor had gekocht voor een patiëntje dat misbruikt was. The courage to heal. Het hielp me onder ogen te zien wat ik was vergeten, stukje voor stukje. Eten was niet mijn hobby meer, vaak ging het er maar mondjesmaat in, koken deed ik amper. Vaak at ik een blokje chocola als maaltijdvervanger. Dat was natuurlijk niet handig, maar dat kreeg ik dan nog net weg met koffie.
En koffie ging gewoon met liters achter elkaar.

 

Er waren dagen dat ik alleen maar kon huilen.
Er waren dagen dat ik mezelf moest toespreken om met droge ogen boodschappen te kunnen doen.
Er waren dagen dat ik naar therapie ging en vanuit daar direct het bad in. In bad hoefde ik namelijk niks. Ik was dan met iets bezig, namelijk in bad gaan en dus hoefde ik niet de realiteit aan te gaan, ik kon gewoon zitten lezen en dromen.
En verwerken.
Uren heb ik daar door gebracht. Sigaretten mee, boek mee, soms een wijntje.
De poezen kwamen steeds vaker op de badrand zitten, die pasten zich gewoon aan.
Er waren ook dagen dat ik vol energie zat, dat ik totaal optimistisch was over de verwerking maar vooral ook over het leven op zich en mijn toekomst. 
Dan kon ik weer de hele wereld aan en begon te solliciteren en genoot volop.

Vorig stukje
Volgend stukje