Tien jaar nadat ik voor het eerst mijn ouders had verteld dat de dader aan me had gezeten maakte ik (samen met twee dierbare mensen) een gruwelijke nacht mee tijdens een vakantie. Daar hielden we allemaal een trauma aan over en er werd van alles in me getriggerd waardoor ik me alleen met de grootste moeite genoeg overeind kon houden om mijn werk te doen. In deze tijd kwamen er ook beelden naar boven waar ik geen weg mee wist, voelde me verschrikkelijk en ik was bang voor alles. Ook de angst om de dader van vroeger tegen te komen werd groter.Mijn lief wist ervan en we hadden afgesproken dat als we naar mijn ouders gingen hij altijd eerst zou kijken of de dader er was, me zou waarschuwen als dat nodig was en zou zorgen voor afleiding zodat ik weg zou kunnen glippen. Want door het nieuwe trauma kon ik het absoluut niet aan de dader tegen te komen. De verjaardagen van mijn ouders waren voor mij dan ook spannende dagen waarbij ik pas rustiger werd als ik zeker wist dat “hij” niet kwam. Ik besloot dat ik dat niet meer wilde. Het was potdorie mijn ouderlijk huis, ik zou daar heen moeten kunnen gaan zonder angst!

Dus ging ik opnieuw met mijn ouders praten. Ze wisten al van die nacht in de vakantie en hadden daar tamelijk steunend op gereageerd, ik had dus goede hoop dat ze zouden luisteren. Ik naar Meppel. Ik zei dat ik met hen moest praten en dat het serieuze bagger was. Goed, de keukentafel werd voorzien van koffie en ik vertelde dat ik had besloten dat ik alleen nog thuis kwam als ze me een paar dingen konden beloven. Grote ogen, geschrokken mensen tegenover me. Ik vertelde dat ik het altijd wilde weten als “hij” bij hun zou komen, dat ik hem niet meer wilde zien, dat ik het liefst niks meer over hem wilde horen en dat ik echt, echt nooit meer zou komen als ze niet beloofden me te beschermen op de manier die ik wilde. Ze vroegen waarom en dat heb ik ze in duidelijk Nederlands uitgelegd, heb in juridische termen verteld wat hij gedaan had, met een paar voorbeelden. Verbijstering van beiden. Ze hadden nooit begrepen dat ik dat bedoeld had met dat hij aan me had gezeten. Mijn moeder begon te vragen, hoe dan, wat dan, wanneer dan en te praten over nooit gezien, nooit geweten, nooit gemerkt. Mijn vader zei niks, staarde even voor zich uit en stond op. Hij trok zijn jas en schoenen aan en ik had hem nog net aan het randje van zijn jas voor hij de deur uit stapte. Waar hij heen ging vroeg ik. Hij zei: “ik ga hem afmaken”. IJzig koud was hij, mijn vader, die ik alleen maar ken als rustige man waarvan ik dacht dat hij dat soort dingen niet eens kon denken. Ik heb mijn vader tegen gehouden, verteld dat ik niks heb aan een vader in de gevangenis en dat ik blij was dat hij hem af wilde maken (want dat deed me echt goed), maar dat het niet praktisch en niet zinvol was. Paps kwam weer mee naar binnen en ik kreeg van mijn ouders de belofte die ik nodig had. Ik kon dus daarna gerust naar mijn ouders, ik belde wel altijd van te voren zodat ik zeker wist dat “hij” er niet toevallig zou zijn. Mijn ouders bleven namelijk wel in contact met de dader. Voor zover ik weet hebben ze er ook nooit met hem over gesproken.

Mijn moeder vond het in de jaren er na nogal eens nodig om mij op de hoogte te houden van het wel en wee van de dader, iets waar ik niet blij van werd. Het hielp me op den duur wel om me steeds weer uit te spreken over dat ik dat niet wilde, dat ik niks over hem wilde weten, dat ik er echt geen fuck om gaf of hij zijn kanker overleefde of niet. Het was lastig dat mijn moeder telkens weer over hem begon maar ik merkte dat mijn zus en broer er zich misschien nog wel meer aan ergerden dan ik.
Ze vertelden me dat ze echt niet snapten dat ik het in orde vond dat onze ouders met de dader om bleven gaan. Maar ja, ik vond dat mijn ouders hun eigen keus daarin mochten maken. Dat dat voor mij moeilijk was was mijn probleem. Ik vond het wel heel fijn dat mijn broer en zus af en toe ingrepen als we allemaal thuis waren en mijn moeder zat te vertellen dat ze iedereen die haar kinderen aan zou raken een blok hout in de nek zou leggen. Stoere taal, loze woorden, nooit waargemaakte beloftes.

En nu is hij dood, tot mijn grote opluchting en al een paar jaar. Zijn weduwe, de beste vriendin van mijn moeder, komt min of meer regelmatig langs in mijn ouderlijk huis. Ik vertel haar niks, mijn ouders vertellen haar niks. Het is lieve vrouw en wat heeft het voor zin om haar daar nu nog mee te belasten?

Vorig stukje
Volgend stukje